Vrouw in de trein

Foto ontwikkeld door AI

Afgelopen maandag zat ik in een overvolle trein van Utrecht naar Den Haag, na een lange dag college Geweldloze Communicatie aan de HU. Omdat ik mezelf een beetje rust gunde, had ik een 1e klas toeslag geboekt. Dacht ik slim te zijn, maar helaas was er geen stoel vrij, tot aan Gouda. Dus bleef ik staan, boek in de hand, en probeerde toch nog een beetje ontspannen te lezen.

Halverwege werd ik afgeleid door drie mannen die een paar stoelen verderop met elkaar in gesprek waren. Goed gekleed, eind dertig, blanke huid. Ze hadden het over waterprojecten in Afrika, maar ook over een grillrestaurant waar je zebra en giraffe kon eten. Het restaurant bleek zo gevaarlijk gelegen dat je er alleen onder gewapende begeleiding naartoe kon. Wachttorens, mannen met geweren; een bizarre setting.

Mijn hoofd ging meteen aan. Waarom zou je daar überhaupt willen eten? Wie bouwt zoiets? En is het dan voor toeristen of voor de lokale bevolking? En wat zegt het over de situatie in dat land als een avond uit alleen lukt met gewapende beveiliging?

Zoals vaak gebeurde, mijmerde ik nog even door totdat mijn focus verschoof naar de toon van het gesprek die de heren voerden. Het gemak waarmee deze mannen over zichzelf spraken. Hoe ze elkaar uitdaagden, tegenspraken, zichzelf neerzetten. Zelfverzekerd. Heel interessant om te aanschouwen. Daarnaast merkte ik ook ergens vaag een steek van jaloezie en meteen daarna ook boosheid.

Ik dacht terug aan al die keren dat ik in mijn leven mij ook zo had uitgesproken en gepresenteerd. Met overtuiging en met lef, maar dat het niet van me werd aangenomen omdat ik een vrouw ben.

Vrouw zijn is soms gewoon KUT.

Je wordt van jongs af aan opgevoed om zacht te zijn, te zorgen. En zodra je ambities hebt in werkvelden die “mannelijk” worden gevonden, mag je twee keer zo hard werken om serieus genomen te worden. En zelfs dan word je vaak nog benaderd als “vrouw eerst, professional daarna”. En dus zie je vrouwen zichzelf aanpassen, hun vrouwelijkheid afschuren om in dat plaatje te passen. Zo fucking Zonde.

Daar houdt het overigens niet op.

Kinderen krijgen? Dan ben je voor veel werkgevers meteen een “risico”.
Ben je zwanger, dan moet je maar hopen dat alles vlekkeloos verloopt.
Na de geboorte mag je uitzoeken hoe je lijf en je hoofd weer meewerken.
En ondertussen verwachten ze dat je op je werk doet alsof er niks veranderd is.
Kolven in een wc-hok…. ja joh, moet toch kunnen?

En alsof dat allemaal nog niet genoeg is, ligt de overgang later nog op de loer. Mist in je hoofd, slapeloze nachten, een lijf dat niet meer meewerkt. En de samenleving die daar nul rekening mee houdt.

Dus ja, vrouw zijn is prachtig, maar soms ook knetterhard, oneerlijk en zwaar.

En afgelopen maandag, in die trein, voelde ik dat heel scherp. Gewoon omdat drie mannen zonder aarzeling lieten zien wat ik vaak als vrouw (van kleur) moet bevechten:

het vanzelfsprekende recht om gehoord te worden.
Niet aan getwijfeld te worden.
Niet steeds opnieuw te moeten bewijzen dat ik iets kan.
En niet mijn vrouwelijkheid te hoeven verloochenen om serieus genomen te worden.

Reacties

Plaats een reactie